Eddy Cooremans schreef boek over aardappelen en friet

Merchtemnaar Eddy Cooremans wordt door zowat iedereen ‘Eddy Friet’ genoemd. Hij is dan ook een autoriteit in de materie: frietjes bakken en alles wat daar mee te maken heeft.

“De liefde voor frietjes kreeg ik van mijn moeder die ze tweemaal per week goudgeel bakte. Samen met Jozef Van Keer bakten we frietjes in een klein caravanneke en voor voetbalclub Hogerop Merchtem”. 30 jaar lang hadden Eddy en zijn echtgenote Josée een frituur in Humbeek. Daarna ging hij aan de slag om friteuses te verkopen en de laatste jaren zorgt hij voor kwaliteitsvolle patatjes voor de frituristen.

Hoeft het dan te verwonderen dat Eddy samen met André Delcart uit Sint-Gillis-Dendermonde een boek heeft geschreven over aardappelen en friet? Aan het boek is vier jaar gewerkt. Daarin doet hij o.m. de geschiedenis van de aardappel (die uit Zuid-Amerika komen) en de friet (Napoleon zou in 1815 ‘lekkere frietjes’ gegeten hebben nadat hij ‘Belgische’ soldaten stukjes aardappel zag frituren in een ketel). Maar ook chips en frituren en al hun benodigdheden komen aan bod.

Het boek telt 304 pagina’s en is rijk geïllustreerd met foto’s uit de omvangrijke collectie van Eddy Cooremans. Edddy verzamelt immers alles wat met friet en frituren te maken heeft. Een groot deel van zijn collectie is te vinden in het Frietmuseum in Brugge (Vlamingstraat 33). “Van aardappelen tot Friet” werd heel verzorgd uitgegeven door Stichting Kunstboek uit Oostkamp en ligt in de boekhandel.

Bij de officiële voorstelling van zijn boek in het gemeentehuis van Merchtem kreeg Eddy uit handen van Bernard Lefèvre, voorzitter van Navefri, de medaille van ‘Officier in de Orde van de Puntzak’. Hij vergelijk Eddy met een frietje: “van buiten krokant maar van binnen zacht en warm”. Nog steeds is Eddy een verwoed verzamelaar van alles wat met friet te maken heeft. Zo heeft hij o.m. het puntzakje bewaard waaruit Koningin Mathilde op de wereldtentoonstelling in Milaan frietjes heeft gegeten.